
VPTZ helpt mensen in hun laatste levensfase
AlgemeenLOBITH - Verlichting brengen, dat is wat John Koppen doet. Als vrijwilliger bij de Vrijwilligers Palliatieve en Terminale Zorg (VPTZ) ondersteunt hij niet alleen de mensen in hun laatste levensfase, maar ook de mantelzorgers, voor wie de situatie soms erg zwaar kan zijn.
Door Carla Droste
John (72) heeft 46 jaar als verpleegkundige gewerkt. Na zijn pensionering wilde hij zich blijven inzetten voor anderen en begon hij in zijn woonplaats Amersfoort met vrijwilligerswerk. Vier jaar lang was hij actief bij Proxima Terminale Zorg, waar hij deel uitmaakte van een team van 17 vrijwilligers. “Ruim een jaar geleden zijn mijn partner en ik naar Lobith verhuisd”, vertelt John. “Zij wilde graag in de buurt van haar zoon wonen, die met zijn gezin net over de grens in Duitsland woont. En we houden van de natuur, dus deze omgeving sprak ons wel aan.”
In onze regio heeft hij zijn vrijwilligerswerk hervat, nu bij VPTZ Midden Gelderland. “Het voelt goed om mensen te kunnen helpen, vooral in zo’n kwetsbare fase van hun leven”, vertelt hij. John neemt verschillende diensten voor zijn rekening, waaronder nachtdiensten. “De vrijwilligerscoördinator van VPTZ belt mij en ik geef aan of ik beschikbaar ben. Momenteel begeleid ik twee mensen. Bij beiden kom ik één keer per week, maar als er extra behoefte is, bijvoorbeeld vanwege een tandartsafspraak van de partner, dan ben ik er vaker.”
Bij VPTZ speelt de vrijwilligerscoördinator een centrale rol in het ondersteunen van de vrijwilligers, zorgt voor een goede afstemming tussen vrijwilliger en cliënt, en organiseert de begeleiding. Er is regelmatig overleg om zaken die van belang zijn door te nemen of ervaringen uit te wisselen. Momenteel is er bij VPTZ Midden Gelderland een tekort aan vrijwilligerscoördinatoren. “Ik vind het prettig om van tevoren ook een kennismakingsgesprek met de cliënt te hebben”, vervolgt John. “Dan heb je al een basis gelegd. Ik kan dan rekening houden met de interesses van die persoon en onze gesprekken daarop afstemmen. Ook bespreken we of er nog wensen zijn. Wat zou diegene nog willen doen? Dan kijken we samen wat er nog mogelijk is. Zo heb ik een paar maanden lang een 50-jarige vrouw met borstkanker begeleid. We hebben toen veel gewandeld, met behulp van een rolstoel. Als je langere tijd met iemand optrekt, bouw je echt een band op. Maar het komt ook voor dat ik pas in de laatste fase word ingeschakeld, om de betrokkenen in hun laatste uren bij te staan.”
Soms ontmoet John cliënten die alles al met hun naasten hebben doorgesproken en voorbereid zijn op het verloop van hun ziekte, terwijl anderen het liever van zich afschuiven. “Het kan de cliënt zelf zijn, maar ook een partner die de situatie niet wil of kan accepteren. Dan is het goed om te weten wat iemand nodig heeft om uiteindelijk los te kunnen laten. Ik heb er weleens moeite mee dat mensen koste wat het kost in leven worden gehouden, terwijl hun lichaam eigenlijk al aangeeft dat het niet meer kan.”
Bijzondere momenten
In zijn werk beleeft John regelmatig bijzondere momenten. Hij herinnert zich de Marokkaanse man die in het bijzijn van zijn familie in Marokko wilde sterven. “Ik heb hem tot aan het vliegveld begeleid.” En de vrouw die hij enkele maanden thuis heeft verzorgd. Toen ze uiteindelijk in een hospice lag, ging hij bij haar op bezoek. “Ze was niet meer aanspreekbaar, maar toen ik afscheid nam, ging ze plotseling rechtop zitten, was helder en zei: ‘Hee John, leuk dat je er bent.’ De volgende dag overleed ze. Het is niet altijd makkelijk, maar wel waardevol om iets te kunnen betekenen voor mensen in de laatste fase van hun leven.”

