Jolanda van Brink-Polman (links) en logopedist Sacha van Hees oefenen thuis op de iPad met de app Spraakassistent. (foto: Conny van den Bor)
Jolanda van Brink-Polman (links) en logopedist Sacha van Hees oefenen thuis op de iPad met de app Spraakassistent. (foto: Conny van den Bor)

Jolanda: 'Praten is lastig, maar het gaat vooruit'

Het Afasiecentrum van Siza in Arnhem bestaat vandaag, donderdag 6 juni, precies vijf jaar. Reden om stil te staan bij het grote belang van goede opvang van mensen met deze taalstoornis waardoor spreken, lezen, schrijven en taalbegrip aangetast kunnen worden. Afasie is bijna altijd het gevolg van niet aangeboren hersenletsel (NAH). Door ziektes of ongelukken lopen per jaar maar liefst zo'n 140.000 Nederlanders deze hersenschade op. Zo'n twintig procent van deze mensen heeft ook afasie. Hoe ingrijpend dat is blijkt wel uit het relaas van Jolanda van Brink-Polman uit Tolkamer.

TOLKAMER - Jolanda (55) staat bekend als een levendige, spontane, gezellige kletskous. Ze werkt als verzorgende in een verpleeghuis in Lobith en iedereen daar is dol op haar. In 2014 slaat het noodlot toe. Midden op de dag krijgt Jolanda een herseninfarct. Gelukkig is haar man toevallig ook thuis en is de ambulance snel ter plaatse, maar het infarct is ernstig. Jolanda ligt drie dagen in coma. Als ze uit haar coma ontwaakt, blijkt ze aan de linkerkant van haar lichaam verlamd. Wat ze nog veel erger vindt: praten lukt helemaal niet meer. Ze begrijpt alles wat tegen haar wordt gezegd, de zinnen die ze wil formuleren zitten in haar hoofd, maar komen er niet meer uit. Een enorme frustratie voor iemand die altijd zo vrijuit praatte.

Opgesloten

Uit het ziekenhuis begint de revalidatie. Na een jaar is Jolanda uit gerevalideerd, maar praten kan ze nog steeds niet. Jolanda is er kapot van. Ze stond middenin het leven en kan opeens niks meer. Dat ze in een rolstoel zit is nog tot daar aan toe, maar zich niet meer kunnen uiten maakt haar bang voor bijna alles. Ze gaat de deur niet meer uit en zit letterlijk opgesloten, zowel in haar hoofd als in haar huis. Tot ze terecht kan bij het Afasiecentrum van Siza in Arnhem. Ze komt in een klein groepje met lotgenoten terecht. Leert in de ochtend tijdens de gespreksgroep deze mensen beter kennen. Doet in de middag de schrijfleesgroep. De voormalige flapuit leert het rustig aan te doen. Kleine doelen te stellen. Met de app Spraakassistent typt ze op de iPad in wat ze wil zeggen en probeert het dan uit te spreken. Na een jaar oefenen zegt Jolanda haar eerste woordje. Nicky. De naam van haar dochter. De tranen van ontroering biggelen iedereen die bij dit grote moment is over de wangen.

Positieve insteek

Sacha van Hees is als logopedist nauw betrokken bij de behandeling van Jolanda. Ze benadrukt hoe belangrijk het is om mensen met afasie te trainen op weer meedoen. "Elke afasie is anders, daarom hebben we ook een multidisciplinair team. Met een gedragskundige, een logopedist en waar nodig een fysiotherapeut, thuisbehandelaar en psychomotorisch therapeut. Elke vraag is ook weer anders, dus we werken in kleine stapjes op maat aan de doelen. Weer kunnen appen, weer kunnen lezen en later eventueel weer wat kunnen doen, bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. Altijd met een positieve insteek. Ik werk nu bijvoorbeeld ook met een patiënt die imker van beroep is. Deze man wil weer cursussen gaan geven. Stap voor stap werken we daar naartoe."

Lees het complete artikel in de Zevenaar Post van woensdag 12 juni 2019

Meer berichten