Afbeelding

Regenboog

Algemeen

Regenboog

Een regenboog, ik vind het prachtig! Sterker nog: hoe meer kleur in deze wereld, hoe beter. Grijze muizen zijn er al genoeg.
Toch is de acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren in vier jaar tijd flink gedaald, blijkt uit onderzoek van het Trimbos-instituut en de Universiteit Utrecht onder ruim 6.600 jongeren van 12 tot 16 jaar.
Dat is zorgelijk. Want achter zo’n cijfer zitten geen abstracte percentages, maar jongeren die op school worden uitgescholden, buitengesloten of het gevoel krijgen dat ze niet volledig zichzelf kunnen zijn.
De onderzoekers noemen onder meer sociale media, conservatievere ideeën over gender en identiteit, politieke uitingen en religieuze overtuigingen als mogelijke factoren. Ook tegenover transgender en non-binaire mensen lijkt de houding onder jongeren minder positief te worden.
Daarom is één regenboogvlag in juni niet genoeg. Een vlag is een symbool; inclusie is iets wat je iedere dag doet. Als ouder, docent, vriend of politicus. In verhalen, voorbeelden, gesprekken en lessen. Ja, twee jongens of twee meisjes kunnen verliefd worden. En niet iedereen past netjes in het vakje ‘jongen’ of ‘meisje’.
Alleen al dat woord: homo-acceptatie. Want wat betekent dat eigenlijk? Dat je iets waar je niets van moet hebben toch maar gedoogt? Alsof je tegen iemand zegt: vooruit dan, ik zal je bestaan vandaag niet al te lastig maken.
En dan die eeuwige vraag of homoseksualiteit ‘natuurlijk’ is.
Nou, heel basaal: in de natuur komt seksueel gedrag tussen dieren van hetzelfde geslacht regelmatig voor. Dat is geen mening, maar waargenomen gedrag.
Maar misschien moeten we ook gewoon ophouden met de behoefte om liefde voortdurend langs de meetlat van ‘natuurlijk’ te leggen.
Mensen zoenen. Mensen trouwen. Mensen krijgen kinderen. Mensen krijgen géén kinderen. Mensen worden verliefd. Mensen zoeken intimiteit op allerlei manieren. En ja, mensen doen soms ook dingen met hun lichaam waarvan je kunt zeggen: daar is dat lichaamsdeel toch helemaal niet voor bedoeld?
Een mond is om te eten en te praten. Een anus om te poepen. Toch gebruiken mensen deze lichaamsdelen volop voor andere dingen. Hetero’s én homo’s, gelovigen én atheïsten. Tja, wat is natuurlijk?
Zo zwart-wit is het allemaal kennelijk niet als puntje bij paaltje komt. Misschien is dat wel de simpelste boodschap: liefde hoeft geen natuurkundig bewijsstuk te zijn. Het is allemaal niet zo ingewikkeld. Liefde is geen examen. Je hoeft er niet voor te slagen. Het is een kwestie van leven en laten leven.
Met één belangrijke kanttekening: wél met consent.

Susan Wiendels