
Marcel Poodt maakt zich op voor Kanaaloversteek
AlgemeenHERWEN – Een vermiste zwemmer, een massale zoekactie en politie en brandweer die uitrukken bij de Bijland. Het leek in mei even alsof Marcel Poodt (50) in grote problemen zat. Niets was minder waar: hij was gewoon aan het trainen. Dat doet hij niet voor niets: Poodt wil in september al zwemmend het Kanaal, van Dover naar Frankrijk, oversteken. Zo’n 33 kilometer open zee. Een uitdaging van formaat.
Door Susan wiendels
Poodt is geboren en getogen in Herwen. Hij voetbalde vroeger bij Carvium en deed aan badminton, maar zwemmen ontdekte hij pas zo’n acht jaar geleden. “Ik zocht een nieuwe sport. Ik was niet zo snel, dus de uitdaging werd steeds langere afstanden af te leggen.” Poodt begon met drie kilometer en breidde deze afstand stap voor stap uit.
De stap naar het echte langeafstandszwemmen kwam met de IJsselmeeroversteek. Poodt zwom de 21 kilometer van Stavoren naar Medemblik in zeveneneenhalf uur, begeleid door een boot voor navigatie en veiligheid. “Een goede techniek is cruciaal. Je moet zo efficiënt mogelijk zwemmen, anders houd je het niet vol.”
In de uitdaging naar meer lonkte daarna een nog grotere uitdaging. Vrienden daagden hem uit om het Kanaal over te zwemmen. “De zee is natuurlijk heel anders dan het IJsselmeer. Je hebt stroming en je zwemt daardoor niet recht op je doel af. De boot is essentieel voor de navigatie.”
Poodt raakte enthousiast, verdiepte zich nog meer in de wereld van het marathonzwemmen en sloot zich aan bij een internationale community van zwemmers die zich op dezelfde uitdaging stort.
Een eerste poging, twee jaar geleden, liep uit op een teleurstelling. Na ongeveer anderhalf uur werd de tocht vanwege de weersomstandigheden afgebroken.
Daarna kreeg Poodt zelf een flinke tegenslag. Tijdens een fietsrit werd hij aangereden door een auto en liep hij een schouderblessure op. Zwemmen was tien maanden lang onmogelijk. ”Je schouder is de motor bij het zwemmen.” Hij bleef wel fietsen, maar kwam ongeveer vijf kilo aan.
Na fysiotherapie kon hij het zwemmen weer voorzichtig oppakken. Dit jaar volgden verschillende zwemkampen, onder meer in Ierland, waar hij met zo’n tachtig andere zwemmers een week lang trainde in water van ongeveer vijftien graden. Ook in Zeeland en de Bijland maakte hij zijn kilometers.
Dat hij inmiddels weer volledig terug is, bewees Poodt begin augustus in Zweden. Daar voltooide hij in Vidöstern de zwaarste openwaterwedstrijd van Zweden: een marathon van 42 kilometer. Eerst 21 kilometer heen in het donker en vervolgens dezelfde route 21 kilometer terug.
De tocht begon ‘s avonds om tien uur met een twaalftal zwemmers. Met een kajak, een verlichte boei en voeding binnen handbereik zwom hij de nacht door. “Om zes uur ‘s ochtends was ik aan de overkant.” Na de eerste 21 kilometer volgde de terugtocht, dit keer met een groep van ongeveer tachtig zwemmers. De heenweg kostte hem acht uur, de terugweg tien uur. Kort voor vijf uur ‘s middags kwam hij aan. “Je voelt je geweldig als je eruit komt”, vertelt hij. Na afloop wachtte een jacuzzi, een massagetent en vooral veel eten. Daarna wilde hij maar één ding: naar bed.
Maar veel tijd om na te genieten is er niet, want de Kanaaloversteek wacht. Daarbij kan Poodt rekenen op de ervaring van zijn trainer Irene van der Laan, voormalig wereldkampioen langeafstandszwemmen en zelf vier keer Kanaalzwemmer. Zij adviseert hem over training, voeding en herstel.
Tot tien dagen voor de oversteek blijft Poodt trainen. In een normale werkweek ligt hij zo’n vijf tot tien uur in het water; tijdens trainingskampen kan dat oplopen tot meerdere lange sessies per dag. Daarna gaat de knop om en begint het zogenoemde taperen: gas terugnemen, herstellen en zorgen dat hij zo fit mogelijk aan de start verschijnt.
Een wetsuit zal hij in het Kanaal niet dragen. “Dat hoort bij de etiquette van het Kanaalzwemmen”, legt hij uit. De oversteek wordt gezwommen in alleen een zwembroek.
Jaarlijks wagen ongeveer tweehonderd zwemmers zich aan de oversteek. De kou, stroming, golven, het zoute water en de lange duur maken de tocht zwaar. Poodt heeft inmiddels ervaren dat het zo maar mis kan gaan. Over een paar weken moet alles samenkomen: techniek, conditie, voeding, kou en vooral de omstandigheden.