
Rien van den Heuvel (1945-2026): Uut de tied geraakt
Algemeen
Zie hem gaan door Zevenaar. Rien van den Heuvel op zijn fiets, ietwat voorovergebogen, in een onverstoorbaar tempo trappend, met die typische gedrevenheid van iemand die niet zomaar op pad is. Alsof er altijd ergens iets wachtte dat aandacht verdiende. Een mens, een woord, een voorstelling, een boom, een gedachte. Rien gebruikte geen auto, hij moest de wereld voelen onderweg. De wind langs zijn gezicht, de klei onder zijn schoenen, de seizoenen om hem heen.
Tot het de laatste tijd minder ging. Tot het fietsen niet meer ging.
Tot ook het wandelen niet meer ging. En Rien enkel nog in een rolstoel vooruitkwam.
Rien van den Heuvel is niet meer. Op 6 mei 2026 blies hij zijn laatste adem uit, in zijn eigen paradijs op aarde aan de Panovenweg.
Wat blijft, is verwondering.
Over alles wat hij heeft gedaan en achtergelaten voor toekomstige generaties.
Rien was van vele markten thuis. Hoofdambtenaar van cultuur gemeente Zevenaar. Cultureel verbinder. Directeur van Bommersheuf, de voorloper van Het Musiater. Theatermaker. Proclamist. Journalist. Dichter. Uitgever. Goedheiligman.
Slechts dertien lentes telde Rien toen hij zijn eigen theatergroep begon. Toen al wist hij dat woorden mensen in beweging konden brengen. Dat taal niet alleen iets was om mee te schrijven, maar ook om mee te schuren, te troosten en wakker te maken. Met de theatergroepen Spirit, Wit Theater, De Broedende Kip en Om bracht hij later maatschappijkritisch (straat)theater. Zijn laatste grote productie De Waoterwolf, gespeeld aan de oevers van de Breuly, maakte diepe indruk. Twee dagen lang sprak het landschap mee in zijn eigen sappige Maas-en-Waalse taal.
Daar, in Beneden-Leeuwen stond zijn wieg. In het Land van Maas en Waal leerde Rien de taal van rivier, dijk en uiterwaarden verstaan. Maar later omarmde hij de Liemers even hartstochtelijk. Alsof hij ook daar wortel had geschoten. Veel van zijn boeken gingen over de Liemers: Het Liemers Leesboek, Leve de Liemers, Brood en Gruis en de dichtbundel Fietsen in de Liemers. Ook schreef Rien gedichten voor de redoutes in het Liemerse landschap: landart-uitkijktorens die verwijzen naar de Tachtigjarige Oorlog en de Mauritslinie. Kunstenaar Paul de Kort ontwierp deze redoutes en werkte daarbij nauw samen met Rien.
Naast boeken en gedichten schreef Rien ook toneelstukken en teksten voor landelijke radioprogramma’s, waaronder ‘Cursief’ van Gregor Frenkel Frank. Daarnaast publiceerde hij artikelen en columns in De Liemers Lantaren en De Gelderlander, en gaf hij regelmatig lezingen.
Sinds 1984 vormde hij samen met Robert Joseph en Humphrey Ottenhof het Liemers Trio. Drie dichters, drie lankheurige duvels, zoals Hans Keuper ze liefkozend noemde. Ze trokken door het land met poëzie, verhalen en taal vol klei en rivierwater. Waar Robert een nachtmens was, wilde Rien vroeg naar huis. Alsof hij de volgende ochtend weer moest melken.
En ergens was dat ook zo.
Rien hield van de aarde en de natuur. Van moestuinen, van gewas, van zaaien en wachten.
Die liefde voor taal én aarde kwamen samen in zijn boek Van ego naar eco. In heldere woorden liet hij zien hoe grote ontwikkelingen gewone mensen raken. Eerder al gaf Rien in het boek ‘De pijn van de Betuwelijn’ woorden aan het leed van 29 bewoners langs het Gelderse tracé tussen Babberich en Beesd. De manier waarop overheid en bestuur met deze mensen omgingen schokte hem diep. Volgens Rien werd met de komst van de goederenlijn de onleefbaarheid van het westen simpelweg verplaatst naar het oosten. Altijd sprak daaruit wat hem dreef: een sterk recht vaardigheidsgevoel én de overtuiging dat de wereld en mensen zorg nodig hebben. Dat wij de planeet slechts lenen.
Rien had een groot gevoel voor woorden en de natuur, maar minstens zo groot was zijn gevoel voor mensen. Zoals Mars Teunissen hem omschreef: een lieve man, een beetje Merlijn, een beetje Gandalf, een beetje Boeddha, een beetje Yoda. Met die baard, dat buikje en die rustige wijsheid. Humphrey Ottenhof noemde hem simpelweg De Grote Vriendelijke Reus.
Voor Riet was hij gewoon haar man. Thuis én in het theater vonden ze elkaar. Samen speelden ze bij vele theatergezelschappen.
Voor Marleen en Hanneke was Rien hun vader.
Voor Lin en An een trotse opa.
En misschien zei zijn kleinzoon van 5 het wel het mooist tijdens het afscheid:
“Hij zit in mijn hart.”
Dat geldt voor velen. Zie hem nog één keer gaan door Zevenaar.
Licht gebogen over het stuur. Vastberaden trappend.
Ik citeer Mars Teunissen:
Rien is uut de tied geraakt.
De diek oaver.
Noar de Waoterwolf.
Susan Wiendels
