
Molukse voetbaltrots bij DCS
AlgemeenOp 15 november 2025 is het precies een eeuw geleden dat voetbalclub DCS het levenslicht zag. Het grote feest staat gepland voor november, maar de aanloop ernaartoe en de jubileumloterij zijn al begonnen. Meedoen en kans maken op de hoofdprijs van vijfduizend euro? Kijk op www.dcs100jaar.nl. Honderd jaar geel-zwarte historie, met hoogte- en dieptepunten, helden en heel veel verhalen. Een club die is opgebouwd door generaties spelers, vrijwilligers en bestuurders, mensen met hart voor de club.
In deze krant verschijnen de komende tijd enkele bijzondere verhalen uit de jubileumeditie ‘van de DCS-Post: ‘100 jaar DCS Zevenaar’
Vandaag deel 1: een prachtig verhaal over Molukse voetbaltrots bij DCS.
ZEVENAAR - Eerst was er Simon, jaren later kwam Gio. Voetballiefhebbers mochten zich de afgelopen decennia gelukkig prijzen met de Molukse inbreng in het Nederlandse voetbal, met als absolute boegbeelden Simon Tahamata en Giovanni van Bronckhorst.
Door Susan Wiendels
Maar die Molukse voetbaltrots waaide niet alleen door de eredivisie, ook het amateurvoetbal kende zijn Molukse helden. Bij DCS liep begin jaren zeventig een elftal rond dat zijn gelijke niet kende: DCS B4 in het seizoen 1971-1972. Twaalf Molukse jongens en één ‘kaaskop’ - doelman Ronald van den Brink - speelden iedereen van de mat. Stef Heljanan was destijds 13 jaar oud en als rechtsbenige linksbuiten de jongste van het bijzondere team. Hij herinnert zich die tijd nog goed.
Theo ‘Meneer’ de Wit
“Ik ben een laatbloeier,” steekt Stef van wal. “We voetbalden altijd op straat, in de buurt of op het grasveld bij de prins Willem-Alexanderschool. Lid worden van een club kon niet, daar was simpelweg geen geld voor. We hadden het thuis niet breed,” vertelt hij. Zijn ouders werden na de Tweede Wereldoorlog om politieke redenen naar Nederland gebracht. Na een tussenstop in Arnhem vonden ze samen met tientallen andere Molukse families een plek in Zevenaar in en rondom de PC Hooftstraat en de Rozenstraat.
“Tijdens de pauzes en na schooltijd waren we altijd aan het voetballen,” vervolgt Stef. “Op een dag kwam Theo ‘Meneer’ de Wit van DCS langs in zijn auto. Hij was altijd op zoek naar talent. Hij vroeg: ‘Zitten jullie bij een club?’ Ik zei: ‘Nee, dat kunnen wij niet betalen.’ Hij zorgde dat we tóch bij DCS konden voetballen. Hij betaalde de contributie én de schoenen. Dat was voor ons onbetaalbaar.”
Peter Derksen
Een dreamteam was geboren. “We vormden een hechte vriendengroep. Peter Derksen was onze leider, hij was toen nog linksback in het eerste elftal. We keken tegen hem op. Maar makkelijk had hij het niet altijd; wij waren best een stelletje eigenwijze jongens. Toch wonnen we alles dat seizoen. We waren onverslaanbaar.”
Toch kwam er snel een einde aan het sprookje. “Het jaar erop moest er een selectie gemaakt worden. Ik vond dat ik bij de betere spelers behoorde en zodoende in de A1 thuishoorde. Blanke jongens kregen echter de voorkeur, ik voelde me gediscrimineerd en daar heb ik lang last van gehad. Theo de Wit probeerde me nog over te halen om toch bij DCS te blijven. maar ik voelde me gekrenkt.” Via De Graafschap kwam Stef op zijn achttiende terecht bij SC Velp. In het kielzog van trainer Henk Westdorp verkaste hij later naar SDZZ. Loo werd de laatste club waar hij op het veld actief was, voordat al op 28e zijn kicksen aan de voetbalwilgen hing. “Het veld- én het zaalvoetbal hadden teveel van mijn knieën gevergd.”
Ondanks dat zijn hart in de jaren zeventig een flinke opdoffer kreeg, kleurt zijn hart al lang weer geel-zwart. Oudste zoon Remy was de aanleiding. “Toen hij 4,5 jaar oud was wilde hij op voetballen. Mijn eerste gedachte was dat hij bij SDZZ moest voetballen vanwege dat incident van vroeger. Maar hij was nog te jong en bij DCS mocht hij wel beginnen, dus werd het toch DCS.” Stef begon het elftal van zijn zoontje te trainen en later ook andere teams. Hij haalde zijn diploma cursus JVT en in 1994 begon hij aan de cursus Oefenmeester 3. Hij was 35 jaar lang trainer bij verschillende clubs waaronder DCS, OBW, DVV en Beuningse Boys. Nu, in 2025, traint hij DCS JO14-1 en JO12-3, waarin zijn kleinzoons spelen.
Voetballen kunnen ze bij de Heljanans. Yaro, een andere kleinzoon van Stef, speelt bij PSV O11 en zoons Ruben en Nathan haalden het eerste van DCS. Samen met Joel Nibaele, Moenie Sopacua en Levi Renjaan zorgt Nathan nu voor de Molukse inbreng in het vlaggenschip van Door Combinatie Sterk. “Er zijn best veel Molukse jongens die het eerste hebben gehaald,” besluit Stef trots.